malariamug

Vernieuwd malariavaccin in klinische studie met mensen

Onderzoekers van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) hebben een nieuwe versie van een malariavaccin gemaakt dat bestaat uit genetisch verzwakte parasieten. Ook hebben ze toestemming ontvangen om dit vaccin in mensen te testen. De bescherming van een eerdere versie van dit malariavaccin viel tegen. Is het vernieuwde vaccin succesvoller? De onderzoekers denken van wel en schrijven in NPJ Vaccines waarom.

Malariavaccin

Het was wereldnieuws, toen de WHO vorig jaar het eerste malariavaccin van GlaxoSmithKline goedkeurde. Dat is ook niet zo gek, want naar schatting zijn er wereldwijd meer dan 240 miljoen mensen besmet met de malariaparasiet. Jaarlijks overlijden er gemiddeld meer dan 600.000 mensen aan de ziekte, waaronder veel kinderen onder de 5 jaar. Dit eerste vaccin geeft een bescherming van 30 tot 50% .

“Dat was natuurlijk heel goed nieuws”, zegt parasitoloog Chris Janse. “Maar om de verspreiding echt een halt toe te roepen is een hogere bescherming nodig. Het streven is 75%.”

Verzwakte parasieten

Dat er nog geen vaccin met een hoge bescherming is, vindt Janse niet zo gek.

“De meeste vaccins die zijn getest bevatten maar één of een paar eiwitten van de parasiet. Hiermee is het lastig om alle parasieten te doden. Daarnaast ondergaan deze eiwitten aan de lopende band veranderingen en is het dus heel lastig om een vaccin te maken dat langdurig werkt”, zegt hij.

Daarom gebruiken Janse en collega’s een andere strategie. Zij maken een vaccin met genetisch verzwakte malariaparasieten, en hebben deze nu dus vernieuwd.

Studie in mensen

De nieuwe versie van het vaccin werkt erg goed in het laboratorium.

“We hebben de aanvraag voor studies met mensen dan ook snel in gang gezet”, zegt Janse.

Na toestemming zijn ze direct gestart met de klinische studie, in samenwerking met LUMC-hoogleraar Meta Roestenberg en het Radboudumc, waarbij gezonde deelnemers worden gevaccineerd met de genetisch verzwakte parasieten en vervolgens geïnfecteerd worden met malaria. Een unieke studie-opzet waarmee het LUMC met het vorige vaccin een wereldprimeur had. De uitkomsten van deze nieuwe studie worden op dit moment vergeleken met die van het eerdere vaccin.

“Het is ontzettend spannend of dit vaccin inderdaad veel beter werkt”, zegt parasitoloog Blandine Franke-Fayard. Die resultaten worden volgend jaar verwacht.

DNA-schaar

Maar hoe werkt zo’n vaccin precies?

“Een normale malariaparasiet komt via een muggenbeet in het bloed van de mens en reist naar de lever. Hier vermenigvuldigt de parasiet zich om vervolgens de lever in grote getalen weer te verlaten. Dat is ook het moment dat je ziek wordt”, legt Janse uit. “Als we kunnen voorkomen dat de parasiet de lever verlaat en weer in het bloed komt, kan het lichaam een afweerrespons opbouwen tegen de parasiet zonder dat je ziek wordt.”

Meer dan 15 jaar hebben de onderzoekers het DNA van de parasiet doorgespit op zoek naar genen die verantwoordelijk zijn voor het verlaten van de lever.

“Uiteindelijk vonden we een handvol geschikte genen die we vervolgens met een moleculaire schaar uit het DNA geknipt hebben. We zagen dat deze genetisch gemodificeerde parasieten de weg naar de lever wisten te vinden maar de lever inderdaad niet meer verlieten en dan daar dood gingen”, zegt Franke-Fayard.

Langer in leven in de lever

Hun eerste vaccin deed precies dit, alleen bleek het toch niet de gewenste bescherming in mensen te geven na een malaria-infectie. Waarom zou het nieuwe vaccin dat wel doen?

Janse: “In het vorige vaccin hadden we genen uit het DNA geknipt waardoor de verzwakte parasieten maximaal 2 dagen in de lever zaten voordat ze dood gingen. Waarschijnlijk is dit te kort om een goede afweerrespons op te bouwen.”

Nu is het gelukt een gen te verwijderen waardoor de parasieten kunnen groeien en zich vermenigvuldigen in de lever gedurende 7 dagen, maar daarna de lever niet verlaten. Uit experimenten bleek al dat deze vernieuwde verzwakte parasieten zichtbaarder zijn voor het afweersysteem en leiden tot een betere afweerrespons. Hoopvolle resultaten dus.

“Maar of dit ook het geval is bij mensen moeten we dus nog even afwachten”, besluit Janse.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *