Oudere man masseert zijn voet vanwege jichtklachten.

Jicht beter monitoren door nieuwe biomarker

Jicht die niet goed wordt behandeld geeft ook gezondheidsschade tussen de acute aanvallen door. Radboudumc en Université Paris Cité hebben een nieuwe biomarker gevonden waarmee de aanwezigheid van urinezuurkristallen heel goed is te monitoren. Mogelijk is daarmee gezondheidsschade op termijn terug te dringen.

Jicht

Jicht is een zeer pijnlijke gewrichtsontsteking, uitgelokt door het kristalliseren van urinezuur in een gewricht. Het aantal mensen met jicht neemt sterk toe.

Wereldwijd hebben momenteel ruim 45 miljoen mensen, vooral mannen, last van deze reumatische aandoening. Dit is een verdubbeling ten opzichte van dertig jaar geleden.

Tussen de acute pijnlijke jichtaanvallen zitten rustige periodes waarin de concentratie van urinezuur in het bloed nog altijd verhoogd is. Met medicijnen zoals allopurinol kan de urinezuurconcentratie in het bloed voldoende worden teruggebracht om jicht aanvallen te voorkomen.

Vier eiwitten

Om meer inzicht te krijgen hoe het ziekteproces in elkaar zit, analyseerden de onderzoeksgroepen van Leo Joosten (Radboudumc) en Pascal Richette (Université Paris Cité, INSERM) bij 71 patiënten welke ontstekingseiwitten precies bij de drie verschillende periodes van jicht betrokken zijn: de acute opvlamming, de rustige tussenperiode en de periode waarin het urinezuurniveau is genormaliseerd door de medicijnen.

“Met proteomics-technieken hebben we gezocht naar een kleine honderd eiwitten die bij ontstekingsprocessen betrokken kunnen zijn”, zegt Brenda Kischkel, eerste auteur van het onderzoek gepubliceerd in Annals of the Rheumatic Diseases.

“We zagen dat vier eiwitten een belangrijke rol spelen in de acute fase van de jichtaanval. Van die vier bleek het eiwit TNFSF14 een hele centrale rol te spelen. Dit eiwit kan een nieuwe, uitstekende biomarker voor jicht gaan worden.”

Nieuwe biomarker

“Onderzoek in muizen liet zien dat dit TNFSF14 eiwit lokaal in de gewrichten wordt aangemaakt door de urinezuurkristallen zelf”, zegt mede eerste auteur Hang-Korng Ea. “Bovendien blijkt dit eiwit de productie van andere ontstekingsfactoren, waaronder verschillende interleukines, te stimuleren.”

De belangrijke rol van TNFSF14 werd ook bevestigd door in een grote groep patiënten te kijken naar kleine veranderingen in het gen voor dit eiwit, zogenoemde SNP’s.

Richette: “Die kleine genetische veranderingen kunnen ervoor zorgen dat een eiwit net wat beter of slechter gaat werken. Dat was ook precies wat we zagen. Sommige SNP’s verhogen de ontsteking, terwijl andere SNP’s de ontsteking juist iets dempen. Dat toont aan dat TNFSF14 een nieuwe en goede biomarker voor jicht is.”

Jicht goed blijven monitoren

De ontdekking biedt mogelijkheden voor het ontwikkelen van antistoffen tegen TNFSF14 om een jichtaanval te behandelen.

Joosten: “Dat is eigenlijk geen optie, omdat we daarvoor al goede medicijnen hebben zoals Colchicine, Corticosteroïden en Interleukine-1 remmers. Ik zie wel goede mogelijkheden om via dit eiwit TNFSF14 de ziekte te monitoren. Daarnaast kan het ook geschikt zijn om snel te zien of nieuwe medicijnen voor jicht werken of niet. Vooral in het goed monitoren van de ziekte valt zeker mondiaal nog veel winst te behalen. Ook als je geen acute aanval hebt, zorgt een te hoge concentratie van urinezuur in het bloed voor een continue, lage ontsteking. Dat geeft een hoger risico op hart- en vaatziekten en nierschade. Voldoende reden om onderzoek naar hoog urinezuur in het bloed en de behandeling van jicht serieus te blijven nemen.”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *